volg ons via

Twitter

Meer blog

Wereldvrede & burgeroorlog

Een toekomst van wereldvrede is binnen handbereik, aldus een vriendin gisteren op het zwoelezomeravondterras. Ze is er heilig van overtuigd. Ik hoor haar. We waren samen in een oud verzorgingstehuis wat nu bewoond en ‘bewerkt’ wordt door een verzameling wereldverbeteraars, techutopisten, sociaal ondernemers, dak- en thuislozen en een ideële foundation. Ik voel en deel het gevoel van synergie, syntopie, synchronie, supraseks, spontaniteit, syntropie en selfcreativiteit en dompel me onder in het warme bad van prachtige mensen in een tot de verbeelding sprekende omgeving. Een omgeving van ongekende mogelijkheden. Vrijheid. Dromen. Bouwen. Ik maak er graag deel van uit.

Thuis gekomen komt er een andere realiteit op me af. Mensen die elkaar op sociale media voor rotte vis uitmaken. Mensen die enkel zwart-wit denken. Hele dikke planken voor het hoofd. De militaire coupplegers in Turkije zijn slecht, dus Erdogan is goed. Erdogan is slecht, dus de militaire coup is goed, of heeft in ieder geval zijn goede kanten. De islam is slecht, de andere religies goed of in ieder geval een stuk minder slecht. Marokkanen zijn slecht, Marokkanen zijn moslims en daarmee dubbel slecht. Iedereen praat in zijn eigen straatje, veegt het schoon en deponeert het vuil bij de ander . De ander, de ander maakt de wereld tot een hel en dient daarom met vuur en zwaard bestreden te worden. Zojuist weer een bericht over een zwangere vrouw die aangevallen is door ‘getinte mannen’. Met het onderschrift: blanke jongens plegen ook geweld, maar die zullen nooit zoiets doen’. De ander is door en door slecht. Kijk maar. De filmpjes en foto’s met gruwelijke taferelen vliegen je om de oren. Ik zie berichten van burgerwachten die meer op knokploegen lijken. Steeds vaker valt het woord burgeroorlog.

Ik denk aan de woorden van filosoof Chantal Mouffe. Het wij-zij denken is inherent aan het politieke, stelt ze. Het politieke draait om de vraag: wat is de gewenste inrichting van de maatschappij? Die vraag gaat voorbij het puur rationele, die vraag draait om diep gewortelde waarden, om emoties. Die vraag draait om: met wie voel je je verbonden? Kuddedieren die we in meer of mindere mate zijn.
We moeten zorgen voor meer publieke ruimte, vrije ruimte waarin we elkaar ontmoeten. Ruimte waar we de confrontatie met elkaar aangaan over politieke zaken en waar we ontdekken dat we op menselijk vlak heel veel met elkaar gemeen hebben. Ruimte om te ontdekken dat identiteiten ambigue zijn, waarin we wij-zij zelf ter discussie gaan stellen zonder het los te laten. Waar we vertrouwde vreemden kunnen zijn en ongekende bondgenootschappen gesloten kunnen worden. In hoeverre kan Facebook in deze behoefte voorzien?  Dat ligt eraan. Facebook is tegelijk de plek waar je eigen gelijk bevestigd en steviger verankerd wordt, waarin je je wentelt in de warme deken van peers die jouw wereldvisie delen. Je kunt delen om het goede te doen om bondgenoten in het streven naar wereldvrede – voor minder doen we het niet – te vinden. mondiaal en hyperlokaal tegelijk. Je kunt ook Facebook gebruiken als een open ruimte met ‘vrienden’ uit alle windstreken, kleuren, geuren en visies. Je kunt van Facebook van parochiale ruimte een wat meer publieke ruimte maken. Tot op zekere hoogte. Het digitale ontmoeten is betekenisloos als we elkaar niet ook in real time ontmoeten, in een open sfeer, in de publieke ruimte die toegankelijk is voor iedereen. Waarin ergernissen op tafel komen, misstanden aangepakt kunnen worden en misverstanden een beetje uit de wereld geholpen kunnen worden. Al is het maar voor eventjes. Veel van die eventjes opgeteld maken verschil, ik weet het zeker.

Terwijl ik dit aan het schrijven bent fulmineert een rashagenees op het tafeltje naast me: ‘al die bruinen, ik mot ze niet, ze zijn alleen maar op herrie uit, het land gaat naar de klote, ze nemen de boel over je kan straks hier geen brood meer bestellen in het Nederlands, ik zweer het je, ik hoop dat straks die Trump president wordt, mooi man, eens een keer wat anders, hij kan dan wel gek zijn, maar dat moet ook, eens wat anders, hadden we ook toen met Fortuijn hier, die zette de boel op zijn kop maar het hele volk stond achter hem, die bracht wat teweeg, is nodig daar op het Binnenhof, allemaal zakkenvullers, dat ze daar maar eens een bom op gooien’. De moed zinkt me in de schoenen. Het gesprek gaat daarna verder met de eigenaresse van het hippe koffietentje. De sfeer verzacht, hij kan zijn verhaal kwijt, krijgt begrip en ook weerwoord.
Als ik in god geloofde zou ik nu hoogdravend zeggen ‘god, geef me de kracht om te blijven luisteren en de confrontaties aan te gaan’. Soms lukt het me, zoals laatst met een ruimhartige en tegelijk kleinzielige buurvrouw, schat van een mens, meestal, de patrones van onze straat. Zo iemand die voor iedereen zorgt, zich overal mee bemoeit en snoeiharde oordelen de wereld in strooit. Ik wens een wereld waarin we zonder bloedvergieten confrontaties met elkaar aangaan, waarin we het politiek niet met elkaar eens hoeven te zijn laat staan hetzelfde hoeven te voelen maar elkaar desondanks als mensen blijven zien die een menswaardig bestaan verdienen.

Samen leven is een politieke zaak. Onherroepelijk. Als ik deze vise met met mijn vrienden spiritechutopisten deel en met lieve wereldverbeteraars in het algemeen, valt het gesprek dood. Politiek is negatief, is je verzetten tegen het oude in plaats van bouwen aan het nieuwe. Zit wat in. Maar niet genoeg om dit tot leidraad voor het leven te nemen. Ook ik ga voor wereldvrede, ik geloof alleen niet in een wereldvrede wanneer we de confrontaties uit de weg gaan en ons wentelen in een wereld van gelijkgestemden.

Ik heb zin in een lekker potje hard lachen om eigen en andermens eigenaardigheden. Want eigenaardig zijn we. Knettergek eigenlijk. Wie doet er mee? Ieder1 gewoon gek. Dat delen we in ieder geval.

Plaats een reactie

captcha

Please enter the CAPTCHA text